Af en toe vertaal ik weleens wat. Een jaar geleden woonde ik in Arnhem het concert The Wall bij van Roger Waters. Tijdens de pauze worden de witte stenen van de muur gebruikt om er honderden 'identiteitskaarten' op te projecteren. Allemaal slachtoffers van oorlog en geweld.

En terwijl ik de Muur scande, viel me het gezicht op van een jong meisje. Blonde haren, achteloos achteruitgeschoven door een zonnebril. Ik las haar ID en vanaf die dag bleef ze me bij: Rachel Aliene Corrie.

Rachel Corrie was een Amerikaanse vredesactiviste. Ze trok begin 2003 naar Gaza, om er het vernielen van Palestijnse huizen tegen te gaan. Ze werd door een D9, een gepantserde bulldozer overreden en stierf. Op 16 maart 2013 zou dat precies tien jaar geleden zijn.

Ze liet me niet meer los. Haar idealen, haar dood. Vervolgens haar jeugd, haar dagboeken, haar mails aan het thuisfront. Het stond al snel vast: ik zou een gedicht wijden aan Rachel Corrie.

Ze landt in een stad van gouden koepels. Buiten
de luchtgekoelde zalen klapt de wereld open
als een meisjesboek. Bruine huiden. Dampende wegen.
Jeruzalem ademt met de longen van een zonnebader.

Twee talen, de ene hoekig, de andere rond,
getekend met de golven van de Dode Zee,
erboven de sterren van een maanloze nacht.