Vannacht was ze weer bij me. Dat is op zich niet zo gek: mijn grootmoeder en mijn vader zijn in mijn dromen wel vaker opnieuw bij mij. Maar dit keer was het vreemd. Terwijl zij doorgaans haar rol van vroeger weer opneemt, zat ze nu stil op een stoel. Ik wist dat ze dood was, dat het slechts een restbeeld van mijn grootmoeder was.

De voorbije weken keek ik op Canvas naar Midnight Sun, een misdaadreeks waarin een belangrijke rol is weggelegd voor de Samen. Zij kennen een uitdrukking: 'wanneer de doden nieuwe klegen dragen'. In de serie voorspelde dat onheil.

Zaterdag las ik in De Morgen een interview met Katie Roiphe, die een boek schreef over de laatste dagen van overleden schrijvers. De illustratie bij het stuk toonde twee Indonesische mannen met een lijk op hun rug. Om de drie jaar halen ze daar de doden uit hun graf, wassen hen en doen hen nieuwe kleren aan.

Toeval bestaat niet.

Ik ga mijn grootmoeder nieuwe kleren geven. Vermoedelijk in een gedicht.