Een goede bankdirecteur is ook je biechtvader, net zoals je huisarts, en vroeger meneer pastoor. Hij luistert, knikt begrijpend en geeft de absolutie – tegen een zekere prijs, dat spreekt.

Ik heb zo'n goeie financiële biechtvader. Deze week was ik bij hem. Maar degene die dit keer iets op zijn lever had, was hij. Zijn ergernis: regeltjes.

Hij steekt zijn handen uit met de vingertoppen tegen elkaar. 'Zo maken ze het: almaar meer regeltjes, almaar minder vrijheid.' Vernauwing, controle, een fuik waar je in vast zwemt.

Dan klikt hij de browser dicht en slaat hij We zijn er nog allemaal open. Over die bundel moet ik hem toch eens een en ander vertellen, want hij spartelt er wat paniekerig in rond. Taal is al niet zijn sterkste vak, zegt hij, en poëzie een taal die hij niet spreekt.

Regel na regel breek ik voor hem de fuik af waarin hij vast gezwommen is, spreek over invalshoeken en uitgangspunten, over voelen en begrijpen.

Hij luistert en knikt begrijpend. Enthousiast opeens. Ik krijg de absolutie. Geen penitentie vandaag.