Het was op een dag in mei dat ik een avond vol vreemde toevalligheden meemaakte. Een avond die voor iedereen voorbijging als alle avonden, maar voor mij was hij onvergetelijk.

Bijna vijftien jaar is het geleden. Op een warm terras bevond ik me in het gezelschap van een nieuwbakken vriend, een oude geliefde die getrouwd bleek en een wildvreemd en erg jong meisje dat net haar lief de bons had gegeven.

David en ik zijn met haar meegegaan. Één beeld herinner ik me nog heel scherp: we liepen door een smalle straat, David aan de ene kant van Veronique, ik aan de andere, haar elk met één arm ondersteunend. Vanop een terrasje klonk de half honende, half aanmoedigende stem van enkele mannen: 'Die twee gaan een fijne nacht tegemoet!'

Het was op een kruispunt dat ik afscheid nam van David. Een maand later tekende ik mijn eerste arbeidscontract. Na die avond heb ik noch David, noch Veronique, noch Anja ooit nog teruggezien.