'Dat is keiveel!', riep ze verbaasd uit. Ze, dat was de caissière bij een van de grootste standhouders op de voorbije Boekenbeurs. Ik had vier dichtbundels aan de kassa, de eerste streepjescode scande ze in en ze riep: 'Dat is keiveel! Voor zo'n dun boekje.'
In dergelijke situaties is het altijd zo dat de verrassing en de onderdrukte lachscheut het halen van de gevatheid om een spitant antwoord te formuleren. Kon zij het helpen dat ze kwantiteit met kwaliteit verwarde? Ze was vriendelijk, ze zou het niet verdiend hebben om een onvertogen woord tot haar verblufte zelf gericht te zien.
Ik geloof dat ik nog iets mompelde als 'jaja, goedkoop is het niet', zonder erbij stil te staan dat ik daarmee haar uitspraak tegelijk beleefd bevestigde en correct weerlegde.